K-EET Gelderland
Lees op deze regio pagina meer over:
Wat en wie is K-EET Gelderland?
Wat mag je van K-EET Gelderland verwachten?
Een agenda, mits er data van bijeenkomsten in onze regio zijn.
Downloads specifiek voor onze regio.
Wil je op de hoogte blijven?
Regelmatig wordt er informatie gedeeld en netwerkbijeenkomsten gehouden. Wil je op de hoogte blijven of de nieuwsbrief ontvangen? Meld je dan aan.
Contactpersoon: procesleider Wesley Hekhuizen, mobiel bereikbaar via: 06-18296036 of per mail: w.hekhuizen@prolis.nl
Agenda
Bekijk de volledige agendaK-EET Gelderland Zorg & Onderwijs
Provinciebrede bijeenkomst met als thema zorg en onderwijs, samen sterker tegen eetstoornissen.Uitnodiging Regiobijeenkomst

Wat en wie is K-EET Gelderland?
Het bovenregionale netwerk eetstoornissen in Gelderland valt onder het Bovenregionale Expertisenetwerk Gelderland (BOEG) . BOEG richt zich op een beter toekomstperspectief voor Gelderse jongeren in complexe hulpverleningssituaties, die nu niet de zorg krijgen die zij nodig hebben.
De missie van K-EET is dat kinderen en jongeren (0-25) met een (potentiële) eetstoornis steeds eerder herkend, beter begrepen en eerder en beter behandeld worden.
Een netwerk is noodzakelijk voor het beter begrijpen van complexe problematiek en om de zorg te kunnen verbeteren in de gehele keten van preventie en eerstelijnszorg bij beginnende klachten, tot derdelijnszorg.
Ons kernteam bestaat uit:
Olivia Fokke: ervaringsdeskundige en psycholoog bij praktijk Rigtering (regio Arnhem)
Femmy Dapper: klinisch psycholoog in het Rijnstate ziekenhuis (regio Arnhem)
Leontine Berg: psychiater bij Amarum (regio midden ijssel/ oost veluwe en achterhoek)
Louise Schepman: gezinsbehandelaar bij Karakter (regio achterhoek)
Wilma Hooft: diëtiste bij Eetstijl (regio rivierenland)
Diana Steenbakker: kinder en jeugdpsycholoog bij KJP Bennekom / LibraZ (regio foodvalley)
Esther Rigtering: GZ Psycholoog bij praktijk Rigtering / LibraZ (regio Arnhem)
Wesley Hekhuizen: gezinsbehandelaar en pedagoog bij Prolis/ LibraZ (regio Nijmegen)
Wat mag je van K-EET Gelderland verwachten?
Actielijnen
Voor het plan van aanpak voor 2023 tot 2025 wil de kerngroep van K-EET Gelderland zich toespitsen op de volgende actielijnen:
1. Netwerkversterking in elke jeugdhulpregio, leidend tot betere samenwerking basis-GGZ, wijkteams, diëtisten en huisartsen, instanties voor ervaringsdeskundigheid, betere ondersteuning van de basis-GGZ en -jeugdhulp door specialistische zorg en een heldere sociale kaart regionaal en bovenregionaal.
2. Versterking van de zorg voor eetstoornissen. Voorkomen van verergering van eetproblematiek door uitbreiding en inhoudelijk deskundiger maken van de zorg voor eetstoornissen in de eerste lijn (huisartsen (POH), schoolartsen), in de basis-GGZ en jeugdhulp (bij beginnende eetproblemen licht/matig), waarin ook aandacht is voor de vraag wanneer het snel en direct nodig is door te verwijzen naar de GGZ en kinderarts (ontwikkeling van gezamenlijk start-inventarisatiegesprek en triage per jeugdhulpregio).
Samen sneller schakelen: VWS in gesprek met K-EET Gelderland over de toekomst van eetstoorniszorg
Hoe eerder een eetstoornis wordt opgepakt, hoe groter de kans op herstel. Die vroege inzet lukt – volgens K-EET Gelderland – alleen wanneer alle betrokken professionals samen optrekken: van eerste lijn tot ziekenhuis, van specialistische GGZ tot gemeenten. Op 12 november kwam de kerngroep K-EET Gelderland bijeen voor een gesprek met Maarten Groot van VWS, om vooruitgang en uitdagingen in de regionale samenwerking te bespreken. Het werd duidelijk dat de regio grote stappen heeft gezet, maar dat kwetsbaarheden in het systeem nog blijven bestaan.
Een netwerk dat gezinnen centraal staat
K-EET Gelderland bouwt gestaag aan een regionaal netwerk waarin kennis, verantwoordelijkheid en begeleiding beter op elkaar aansluiten. Binnen dit netwerk stemmen professionals behandelroutes af, delen zij ervaringen en zoeken actief naar manieren om gezinnen sneller en adequater te ondersteunen. Zo kunnen jongeren sneller op de juiste plek terecht, worden (somatische) problemen tijdig ondervangen en voelen gezinnen zich gesteund.
De waarde van deze collectieve aanpak werd duidelijk in het ervaringsverhaal van een moeder en haar dochter. Door het intensieve traject van de MeerGezinsDagBehandeling (MGDB) werken meerdere gezinnen tegelijk aan herstel. Eerder vastgelopen zorg werd hierdoor weer op gang geholpen, met dagelijkse begeleiding en aandacht voor het hele gezin. Aanvankelijk was het gezin bang dat hun dochter zich zou vergelijken met andere jongeren met een eetstoornis, maar juist die ontmoeting bood herkenning, steun en zelfs momenten van gezelligheid. Dochter vertelde dat ze eindelijk iemand werd “waar ze eerder altijd van droomde”. Dit verhaal benadrukt dat effectieve samenwerking direct bijdraagt aan herstel en stabiliteit binnen gezinnen.
Waar de samenwerking nog onvoldoende wordt gefaciliteerd
Tegelijkertijd werd tijdens de bijeenkomst duidelijk waar professionals nog tegen de grenzen van het systeem oplopen. De grootste uitdaging? Tijd. Wanneer jongeren tussen ziekenhuis, eerste lijn, specialistische GGZ en gemeente bewegen, worden wachttijden en onduidelijke verantwoordelijkheden al snel een risico voor herstel. Veel zorgverleners zien de signalen wel, maar missen de ruimte, financiële duidelijkheid of juiste expertise om jongeren structureel te blijven begeleiden. Dat leidt ertoe dat sommige praktijken terughoudend worden in het aannemen van eetstoornisproblematiek, terwijl juíst die vroege fase van grote invloed is op het verdere verloop.
Daarnaast is er behoefte aan meer continuïteit en gedeelde taal: een gezamenlijke basis waarop professionals, ouders en jongeren dezelfde informatie krijgen en dezelfde koers varen. De inzet van ervaringsdeskundigheid kan daarin veel betekenen, maar wordt nog te weinig benut door onduidelijke financiering of beperkte implementatiemogelijkheden. Terwijl het vooral in de tussenfases - de kwetsbare periodes tussen hulpvragen en behandelingen - juist deze kennis is die gezinnen steun en perspectief geeft.
Deze knelpunten laten zien dat de bereidheid in het netwerk groot is, maar dat het systeem soms nog tegenwerkt. Zonder heldere bekostiging, eenduidige afspraken en snelle schakels blijven gezinnen kwetsbaar voor gaten tussen organisaties. Het verhaal van moeder en dochter maakte zichtbaar wat dat betekent: dat herstel niet alleen vraagt om expertise, maar ook om tempo, duidelijkheid en samenhang.
Met VWS in gesprek: hoe sluiten beleid en praktijk beter op elkaar aan?
Namens VWS luisterde Maarten Groot naar de ervaringen uit de regio en benadrukte dat hij onder de indruk is van de koers van K-EET Gelderland, vooral de inzet op vroegsignalering, gezamenlijke behandelroutes en sterke regionale samenwerking. Hij erkende dat het huidige systeem samenwerking soms belemmert door uiteenlopende financieringsstromen en verschillende wettelijke kaders en de scheiding tussen jeugd- en volwassenenzorg. Hij gaf aan dat VWS de noodzaak ziet om juist bij eetstoornissen sneller en meer samenhangend te kunnen handelen. Hij stond positief tegenover de ontwikkelrichting van K-EET en onderschreef de behoefte aan minder bureaucratie, duidelijkere verantwoordelijkheden en betrouwbaardere financiering, waarbij hij aangaf dat initiatieven zoals dit helpen om scherp te krijgen waar beleid beter op de praktijk kan aansluiten.
Samen vooruit
De bijeenkomst liet zien dat Gelderland beschikt over een netwerk dat stevig groeit en waarin professionals elkaar weten te vinden wanneer het ertoe doet. De ervaringen van gezinnen, de bereidheid van zorgverleners en de reflectie vanuit VWS tonen gezamenlijk de richting waarin de regio zich beweegt: naar snellere, warmere en beter afgestemde zorg. De uitdaging voor de komende periode is om die vooruitgang te verankeren in beleid, zodat samenwerking geen afhankelijkheid blijft van mensen die “hun best doen”, maar een vanzelfsprekend onderdeel wordt van het zorglandschap.
Want uiteindelijk draait het om dat herstel mogelijk is wanneer ondersteuning op tijd komt en het gezin niet alleen hoeft te staan. Dáár werkt K-EET Gelderland elke dag aan - samen, stevig en met één doel voor ogen: jongeren en volwassenen met een eetstoornis zo snel mogelijk op het juiste spoor zetten.




LibraZ een mooi voorbeeld van snelle interventies en samenwerking in de keten.
Wat is LibraZ
LibraZ is in 2021 opgericht om de zorg voor jongeren met eetstoornissen te verbeteren door versnippering tegen te gaan en samenwerking tussen somatische, psychologische en ambulante professionals te versterken.
De module is een geïntegreerde behandelaanpak voor jongeren tot 18 jaar met eetstoornissen. Door vroegtijdig, effectief en gezinsgericht te interveniëren, draagt LibraZ bij aan het voorkomen van verergering van problematiek en het bevorderen van duurzaam herstel. Het biedt professionals een gedeeld kader en concrete handvatten, waardoor de zorg sneller, duidelijker en mensgerichter wordt.
LibraZ is daarmee niet alleen een module, maar een beweging richting samenhangende en preventieve zorg.
LibraZ biedt:
Snelle interventies, binnen een paar weken de eerste inschattingen en afspraken.
Start-Up programma: intensieve gezinsgerichte begeleiding aan huis in de eerste zes weken.
Ambulante zorg, thuis samen met het gezin.
Breed kijken naar de klachten en niet enkel naar de eetstoornis zelf, maar ook op onderliggende problematiek zoals angst, dwang, trauma en neurodivergentie.
Wachtlijstoverbrugging: ondersteuning in de periode vóór klinische opname.
Nazorg: behandeling naast of na een klinisch traject.
Consultatie en supervisie: ondersteuning voor verwijzers en collega’s bij complexe casuïstiek.

Jaarverslag 2025

Jaarverslag KEET Gelderland 2025
Inleiding
In 2025 heeft KEET Gelderland zich verder ontwikkeld als regionaal en bovenregionaal netwerk voor eetstoornissen en ARFID. Het jaar stond in het teken van netwerkversterking, kennisdeling, het opzetten en borgen van multidisciplinaire overleggen (MDO’s), intensieve samenwerking met externe partners en de voorbereiding van een grote ketenbijeenkomst in 2026 nadat er eind 2024 een grote bijeenkomst is geweest. Regionale verschillen, de groeiende aandacht voor ARFID en uitdagingen rondom financiering van specifiek zorgaanbod zoals diëtetiek en netwerkversterking en borging hiervan vormden rode draden door het jaar.
Regionale ontwikkelingen en trends
Het afgelopen jaar is in diverse regio’s, een voorzichtige daling zichtbaar in het aantal aanmeldingen voor anorexia zorg. De hypothese is dat dit o.a. samen te hangen met veranderde diagnostiek en betere kennisdeling onder professionals en we onderschatten de impact van Corona ook niet. Tegelijkertijd groeit de vraag naar kennis en expertise over ARFID, wat leidt tot meer interne scholingen en samenwerkingen met externe partners, zoals logopediepraktijken. In Foodvalley neemt de druk juist toe door een bredere doelgroep en meer naamsbekendheid; ook in de zomerperiode zijn er nog steeds aanmeldingen voor jongeren met anorexia al staan die wel in contrast met de hoeveelheid aanmeldingen in de winterperiode.
De samenwerking tussen psychologische poliklinische en ambulante zorg, somatiek en diëtetiek wordt in alle jeugdhulpregio’s verder ontwikkeld, met als doel een multidisciplinaire en integrale benadering van eetstoornissen. Dit draagt bij aan een betere samenwerking en snellere signalering van problematiek.
Netwerkvorming en MDO-structuren
In Rivierenland is een MDO-structuur opgezet met gemeentelijke ondersteuning en een centrale aanmelding. Andere regio’s, zoals Achterhoek en Nijmegen, zijn bezig met het opzetten of uitbreiden van soortgelijke structuren. In sommige regio’s zoals in de regio Zutphen hebben zijn er al geruime tijd gestructureerde MDO’s aanwezig met deelname van kindergeneeskunde, diëtetiek en Amarum. Gemeenten stellen in sommige regio’s structureel geld beschikbaar voor deelname aan het MDO, waarbij functies binnen het overleg worden beschreven en gefinancierd.
Kennisdeling staat centraal: formats, documenten en ervaringen worden actief uitgewisseld tussen regio’s om het opzetten van MDO’s te vergemakkelijken. Consultatie met externe partners en consultatiepsychiaters verloopt goed, al verschillen contractering en beschikbaarheid per regio.
Ziekenhuiszorg, crisisstructuur en dwangsondevoeding in de regio Rijk van Nijmegen
In de afgelopen periode is er intensief overleg geweest tussen ziekenhuizen, GGZ-instellingen en ketenpartners in de regio Rijk van Nijmegen over de organisatie van zorg voor jongeren met eetstoornissen. Uit het overleg blijkt dat de verbinding tussen organisaties nog onvoldoende is, wat leidt tot kwetsbaarheden in het zorgaanbod en een gebrek aan duidelijke crisisstructuur. Er zijn grote regionale verschillen en het ontbreken van kinder- en jeugdpsychiaters en somatische specialistische zorg (kinderartsen) in de crisisdienst vormt een knelpunt.
We gebruiken de regio RvN als voorbeeld regio om het breder gedragen knelpunt van de moeizame verbinding tussen ziekenhuiszorg en crisiszorg aan elkaar te verbinden. Als er een crisissituatie zich voordoet gebeurt het regelmatig dat mentale gezondheidsvraagstukken worden opgelost in de somatisch ziekenhuis zorg.
Er zijn vervolgafspraken gepland met Radboud, CWZ en AMC (als universitair medisch centrum met ervaring op eetstoornissen zorg) over de rol van universitair medische zorg in de regio. Ook wordt actief contact gezocht met ProPersona, Karakter en de gemeente om de crisiszorg verder vorm te geven en bestuurlijke commitment te versterken. De regio zet in op alternatieven voor dwang, gezamenlijke besluitvorming en kennisdeling. Initiatieven zoals de LibraZ-module dragen bij aan vroegsignalering en preventie.
Specifiek rond dwang bij voeding zijn er een positieve ontwikkelingen op basis van de signalen die wij krijgen. Gelukkig zien we al meerdere jaren dat fixatie in verschillende vormen niet of nauwelijks meer voorkomt in onze regio. Ook rondom dwangsonde voeding zien we dat dit zonder fysieke dwang gaat. Binnen het Rijnstate ziekenhuis heeft al anderhalf jaar geen dwangsondevoeding meer hoeven toepassen en ontvangt ook geen signalen dat dit elders in de regio nog gebeurt. Dit is mede het gevolg van een aangepast beleid, waarbij opnames beter worden voorbereid, er wordt samengewerkt met collega zorgaanbieders en er meer aandacht is voor autonomie en samenwerking met ouders en cliënten. Hierdoor is de noodzaak voor dwang sterk / bijna volledig is afgenomen. Wij willen graag verder onderzoeken wat de rol van drang is de afgelopen jaren in de regio. Want ondanks het feit dat er geen fysieke dwang is, kan drang tevens als lastig en soms zelfs als traumatisch worden ervaren. Hoe wordt invulling gegeven aan vrijwilligheid op moment dat een kind of jongere op een crisis en/ of ziekenhuisbed ligt voor een opname omdat het niet eet.
Samenwerking met externe partners
De samenwerking met de weinig beschikbare consultatiepsychiaters en Twig Clinics verloopt over het algemeen beter, wat resulteert in dat er in ieder geval een beperkt aanbod beschikbaar is. Echter het chronische tekort aan goede betrokken psychiaters is groot. Contractering van deskundige psychiaters is in Gelderland een structureel probleem in de ketenzorg bij eetstoornissen.
Landelijk is er een tekort aan verblijfplekken voor jongeren na klinische behandeling. Ervaringen met gezinshuizen zijn wisselend; de behoefte aan kwalitatief goede, laagdrempelige woonvormen blijft groot. Vanuit de kerngroep zijn we actief bezig om ondersteuning te bieden aan verblijfsorganisaties die te maken met eetstoornissen.
Communicatie en zichtbaarheid
Op woensdag 19 maart hadden wij onze jaarlijkse regiobijeenkomst. Deze is bijzonder goed bezocht met 125 aanwezigen. Het thema ‘Sterker Samen’ is breed uitgedragen mede door ons programma in te vullen door stichting Kiem ervaringsdeskundigheid, een cultuur sensitieve diëtiste, Somatisch Kinderarts en best practices.
De NAE-dag op 27 november was tevens een belangrijk moment voor regionale zichtbaarheid van Gelderland en het delen van inspirerende praktijkvoorbeelden. Vanuit Gelderland waren veel verschillende professionals en organisatie aanwezig en zichtbaar, wat bijdraagt aan het versterken van zichtbaarheid en kennis uitwisseling bovenregionaal.
Ook hebben we vanuit de regio bijgedragen aan de landelijke ontwikkeling van de basisversie van eetstoornissennetwerk.nl, deze is nu live en wordt doorontwikkeld. Het doel van deze website is om onze regionale aanspreekpunten en consultatieplekken zichtbaar te maken voor professionals. Succesverhalen en interviews worden actief gedeeld via nieuwsflitsen.
Als laatste zijn we vanuit de kerngroepleden en betrokken netwerk erg actief op LinkedIn om onze opgedane kennis en ervaringen te delen. Tevens delen we informatie die cliënten, ouders, hun netwerk en zorgprofessionals kunnen helpen ter voorkoming van of ondersteuning bij eetstoornissen.
Bezoek van VWS aan KEET Gelderland
In het najaar van 2025 bracht het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) een werkbezoek aan KEET Gelderland. Dit bezoek stond in het teken van kennisuitwisseling, het delen van praktijkervaringen en het bespreken van actuele knelpunten en innovaties binnen de regionale eetstoorniszorg.
Tijdens het programma werden verschillende thema’s uitgelicht, waaronder de samenwerking tussen disciplines, de rol van ervaringsdeskundigen, de inzet van de LibraZ-module en de uitdagingen rondom financiering en regelgeving. VWS kreeg een rondleiding, presentaties en praktijkvoorbeelden voorgeschoteld en gingen actief in gesprek met ervaringsdeskundigen en professionals uit het veld.
Het bezoek van VWS werd door alle betrokkenen als waardevol ervaren. Het bood niet alleen ruimte voor verdieping en dialoog, maar versterkte ook de verbinding tussen beleid en praktijk. De input uit het veld wordt meegenomen in de verdere beleidsontwikkeling rondom eetstoornissen en ketenzorg.
Financieel overzicht
Vergoeding Kernteam, 2 uur p/m, € 100 p/u. Bij declaratie door gemiddeld 10 leden is het benodigde budget hiervoor maximaal 2 x 12 x 100 x 10 = | € 24.000.- |
Consultatiemogelijkheid kernleden, € 1.000 p/j. Bij declaratie door gemiddeld 10 leden is het benodigde budget hiervoor maximaal per jaar. | € 10.000.- |
1 grote livebijeenkomst | € 10.000.- |
Mogelijk diverse themabijeenkomsten (denk aan domein specifiek of regiospecifiek) | € 6.000.- |
Schatting totale kosten per jaar = | € 50.000,- |
Als netwerkorganisatie in de eetstoorniszorg werken wij nauw samen met verschillende partners, disciplines en gezinnen. Onze inzet richt zich niet alleen op het bieden van passende behandeling, maar ook op vroegsignalering, samenwerking in de keten, het versterken van professionals en het creëren van een veilig en ondersteunend netwerk rondom jongeren en hun naasten.
Deze manier van werken is waardevol én noodzakelijk bij complexe problematiek zoals eetstoornissen, maar maakt het tegelijkertijd minder eenvoudig om onze financiële resultaten helder en afzonderlijk zichtbaar te maken.
Veel van onze activiteiten lopen door meerdere organisaties en financieringsstromen heen. De tijd en inzet die wij investeren in bijvoorbeeld overlegmomenten, afstemming tussen professionals, het begeleiden van ouders of het ondersteunen van ketenpartners, zijn vaak essentieel voor goede zorg maar laten zich niet altijd eenduidig koppelen aan directe financiële opbrengsten. Ook de impact die ontstaat door preventie, samenwerking en continuïteit van ondersteuning is niet vanzelfsprekend in cijfers te vangen.
Daarom richten we ons in onze verantwoording niet alleen op financiële kengetallen, maar vooral op de gezamenlijke waarde die we creëren voor jongeren met een eetstoornis en hun omgeving. In dit jaarverslag maken we deze maatschappelijke en inhoudelijke impact zo inzichtelijk mogelijk, in de overtuiging dat juist dát laat zien waar we als netwerk voor staan.
Voorbereiding ketenbijeenkomst maart 2026
Na een aantal jaren te hebben geïnvesteerd in de 2e en 3e lijns zorgprofessionals tijdens regionale KEET bijeenkomsten, willen we nu ons richten op vroegsignalering en wat het voorliggend veld kan doen als een eetstoornis wordt geconstateerd. De ketenbijeenkomst in maart 2026 richt zich dan ook primair op professionals uit het onderwijs, GGD, POH’s en het bredere voorliggend veld. De focus ligt op vroegsignalering van eetstoornissen en het versterken van samenwerking tussen eerste en tweede lijn. Er is veel aandacht voor praktische workshops over gespreksvoering, signalering en preventieve modules.
Reflectie op proces en samenwerking
De samenwerking binnen de kerngroep wordt als goed ervaren. Uit de feedback blijkt waardering voor de verbindende rol van de procesleider, maar ook behoefte aan meer duidelijkheid in taken en besluitvorming. Diverse praktijkvoorbeelden, zoals de succesvolle inzet van de LibraZ-module, het opzetten van MDO’s en het betrekken van ervaringsdeskundigen, illustreren de kracht van het netwerk.
Samenstelling
Diana Steenbakkers
Kinder- en Jeugdpsycholoog NIP, Kinder- en Jeugdpsychologiepraktijk Bennekom Ede
Esther Rigtering
Eigenaar, GZ-psycholoog BIG en Kinder-en Jeugdpsycholoog NIP Praktijk Rigtering
Femmy Dapper
Klinisch psycholoog Rijnstate
Leontine Berg
Kinder- en jeugdpsychiater/systeemtherapeut/opleider psychotherapie GGNet/ Amarum
Olivia Fokke
Ervaringsdeskundige/Psycholoog BAS/GGNet
Wilma Hooft
Diëtist Dietistenpraktijk Eetstijl
Louise Schepman
Gezinsbehandelaar IPG / verpleegkundige karakter
Jacqueline de Both
Manager bedrijfsvoering SeysCentra
Wesley Hekhuizen
Directeur Prolis en procesleider KEET Gelderland.
Conclusie
KEET Gelderland heeft in 2025 belangrijke stappen gezet in het versterken van regionale netwerken, het delen van kennis en het voorbereiden van een grote ketenbijeenkomst. De samenwerking tussen eerste en tweede lijn, aandacht voor ARFID en het vergroten van zichtbaarheid zijn speerpunten voor het komende jaar. Structurele financiering, borging van organisatorische taken en verdere professionalisering blijven aandachtspunten voor de toekomst.
Zie ook het jaarplan 2026
Jaarplan 2026

Inleiding
K-EET Gelderland is een netwerk van professionals op het gebied van eetstoornisproblematiek. Het netwerk is onderdeel van het Bovenregionaal Expertise Netwerk Gelderland in de regio en sluit daarmee aan op het doel: voorkomen dat jeugdigen met complexe en meervoudige problematiek tussen wal en schip raken. Complexe casuïstiek is veel voorkomend onder jongeren met een eetstoornis. Het blijft een belangrijke opgave van K-EET om complexiteit te voorkomen en mocht daar wel sprake van zijn met elkaar in de regio het juiste aanbod te bieden. K-EET richt zich op stevige netwerkvorming rondom gezinnen met eetproblematiek.
Het jaar 2026 staat in het teken van verdieping en verduurzaming van de ketensamenwerking rondom eetstoornissen. Na een fase van bouwen in de afgelopen jaren is het doel aankomend jaar om de ingezette beweging te bestendigen, knelpunten structureel aan te pakken en de zichtbaarheid van het netwerk verder te vergroten en te borgen. De ketenbijeenkomst in maart vormt een belangrijk startpunt voor het jaar.
Zie ook het jaarverslag van het jaar 2025.
Landelijke ontwikkelingen:
Waar is men in de landelijke agenda mee bezig? De aandachtsgebieden van ‘K-EET bouwt door’ in het meerjaren plan 2023-2026 zijn als volgt:
1. Verdere ontwikkeling van netwerkaanpak
2. Verbetering van vroegherkenning en vroege behandeling
3. Kennis ontwikkelen, benutten en beschikbaar stellen
Deze punten vormen een rode draad door ons regionale jaarplan.
Landelijke en regionale invloed van KEET Gelderland
Er blijven rondom het bieden van goede eetstoornissenzorg een aantal vraagstukken bestaan die minder in de invloedssfeer van de regio alleen liggen. Die de capaciteit van de regio overstijgen en op landelijk niveau opgepakt moeten worden. Een leidraad rondom dwangvoeding, nieuwe zorgstandaarden, wens tot vergoeding van diëtiek, het ontwikkelen van een model voor vroeg interventie zijn enkele onderwerpen die op landelijk niveau worden geagendeerd en die uiteindelijk in de regio geïmplementeerd kunnen worden. De landelijke stuurgroep richt zich momenteel op het formuleren van de missie, visie, voor de komende tijd en de wijze waarop zij wil door bouwen. Het platform eetstoornissennetwerk.nl wat gelanceerd is op 27 november tijdens het NAE-congres speelt daarbij een grote rol. De landelijke initiatieven zullen dus invloed hebben op het door ontwikkelen van het aanbod in onze regio. Het is de opdracht van K-EET Gelderland om in 2026 goed te vertalen wat dit betekent voor onze regio
De samenwerking tussen psychologische poliklinische en ambulante zorg, somatiek en diëtetiek wordt in alle jeugdhulpregio’s staat centraal bij goed afgestemd eetstoornissenaanbod. Zowel in de eerste als tweede lijn. Binnen de specialistische 2de lijns instellingen wordt dit in onze integraal aangeboden en vergoed. Dat is voor de eerste lijn een ander verhaal: voor diëtiek worden maximaal 3 uren vergoed. Dit wordt door het gehele land frustrerend en contraproductief gevonden. Het is een wens voor 2026 dat hier verandering in komt, vanuit de regio zullen we lobbyen daar waar mogelijk
De hoofddoelen in 2026 in Gelderland.
Versterken van regionale netwerken: Borging van netwerken en vorming van consultatie en advies door bijvoorbeeld MDO-structuren/ vaste consultatieroutes in de verschillende jeugdhulpregio’s.
Vroegsignalering en preventie: Scholing en tools voor het voorliggend veld.
Het verder professionaliseren, positioneren en zichtbaar maken van ervaringsdeskundigheid binnen de eetstoorniszorg: Dit omvat het identificeren van best practices, het inzichtelijk maken van obstakels en kansen, het versterken van de inzet van ervaringsdeskundigen in alle fasen van het hulpverleningstraject en het erkennen van ouders als belangrijke ervaringsdeskundigen binnen de ondersteuning van jongeren.
Zichtbaarheid en communicatie: Jaarlijkse (regio)bijeenkomst(en). Verdere inrichting en doorontwikkeling van eetstoornissennetwerk.nl en actieve verspreiding van succesverhalen.
· Het verder ontwikkelen van onze inzet op beleidsbeïnvloeding en structurele bekostiging: door naast gesprekken met gemeenten en regio’s, onze impact systematisch in kaart te brengen, de resultaten van landelijke programma’s zoals KEET en de Hervormingsagenda te evalueren, en deze inzichten te vertalen naar concrete onderbouwingen voor duurzame financiering en borging van ons zorgaanbod.
Actielijnen en Activiteiten
Actielijn 1: Netwerkversterking & consultatie en advies
Doel: Alle regio’s beschikken over een duidelijke route voor consultatie en advies (zoals een MDO/ consultatielijn)
Activiteiten:
Delen van formats en best practices tussen regio’s.
Ondersteuning bij contractering en gemeentelijke afspraken.
Actielijn 2: Vroegsignalering & Preventie
Doel: Professionals in onderwijs en eerste lijn herkennen signalen tijdig.
Activiteiten:
Regiobijeenkomst maart 2026 voor het voorliggend veld: GGD, POH en scholen (in samenwerking met Stichting Kiem).
Ontwikkeling van praktische handreikingen en gesprekskaarten zoals die nu in andere regio’s al beschikbaar zijn.
Themabijeenkomsten in subregio’s van Gelderland.
Actielijn 3: Ervaringsdeskundigheid
Doel: Structurele inzet van ervaringsdeskundigen in ketenzorg.
Activiteiten:
Inzichtelijk maken van de soort ervaringsdeskundigheid (cliënten en ouders)
Inventarisatie bij zorgaanbieders van huidige ervaringen
Gezamenlijk beleid maken over inzet van ervaringsdeskundigheid.
Financieringsmogelijkheden (gesprek met zorgaanbieders/ gemeente/ BOEG)
Actielijn 4: Communicatie & Zichtbaarheid
Doel: Cliënten, ouders, netwerk en professionals weten waar ze terecht kunnen.
Activiteiten:
(regio)bijeenkomst(en)
Doorontwikkeling eetstoornissennetwerk.nl (inclusief regionale contactpersonen).
Social media updates.
Publicatie van interviews en succesverhalen.
Actielijn 5: Beleidsbeïnvloeding & Financiering
Doel: Structurele borging van ketenzorg.
Onze inzet op beleidsbeïnvloeding richt zich op het sterker onderbouwen van onze maatschappelijke en inhoudelijke impact. Om na afloop van landelijke projecten (zoals KEET en onderdelen van de Hervormingsagenda) te komen tot structurele bekostiging, is het belangrijk dat we aantonen wat onze werkwijze oplevert voor jongeren met een eetstoornis, hun gezinnen en de keten.
Daarom zetten we naast beleidsgesprekken in op:
Impactmeting: het omzetten van resultaten en ervaringen in cijfers, zoals wachttijdreductie, vroegsignalering, tijdige doorverwijzing en continuïteit van zorg.
Onderbouwing van kosten‑baten: inzicht in besparingen door vermindering van escalatie, crisisopnames en langdurige trajecten.
Best practices en casuïstiek delen: aantonen van wat werkt en waarom.
Evaluatie van landelijke programma’s: de opbrengsten van KEET en de Hervormingsagenda vertalen naar regionale borging.
Proactief agenderen in overlegtafels: deelname aan werkgroepen, beleidstafels en regionale taskforces.
Samen optrekken met ketenpartners: gezamenlijk pleiten voor duurzame financiering en integrale zorg.
Opstellen van een beleidsadvies in en aan de regio Gelderland. Welke speerpunten willen we na de KEET vasthouden en hoe dragen we in samenwerking met de gemeenten/ regio hier samen aan bij.
Gesprekken met gemeenten over financiering van MDO en consultatie.
Planning
Maart 2026: Grote regionale KEET bijeenkomst.
Juni 2026: Evaluatie voortgang MDO’s en scholingsmodules.
Oktober 2026: beleidsadvies voor 2027.
November 2026: NAE-dag met regionale bijdragen.
December 2026: Jaarverslag
Resultaatgericht werken
Bovenstaand is het een activiteitenoverzicht. Mogelijk niet onuitputtelijk wat we als netwerk uiteindelijk oppakken en ondersteunen. Opgemerkt mag worden dat het behalen van de resultaten erg afhankelijk is van ideeën, acties, invloed en beslissingen van betrokken professionals en organisaties. K-EET Gelderland is geen zelfstandige organisatie, het is een netwerk van bevlogen mensen die de zorg rondom eetstoornissen willen optimaliseren.
De Gelderse Jeugdalliantie
Sneller de juiste zorg op de juiste plek voor Gelderse jongeren en gezinnen
Snel de juiste hulp: dat willen we allemaal voor jongeren en gezinnen met ernstige problemen. Vaak lukt dit, maar voor de meest kwetsbare jongeren soms ook niet. Dat probleem pakt de Gelderse jeugdalliantie samen met de 7 Gelderse jeugdregio’s aan. Wij bundelen onze krachten om de hoogspecialistische jeugdhulp in Gelderland beter te organiseren. Sneller de juiste zorg op de juiste plek; daar gaan we voor.
De meest kwetsbare jongeren en gezinnen uit Gelderland kunnen bij ons terecht voor hoogspecialistische jeugdhulp. Wij noemen dit de ‘essentiële functies’. Deze zorgen voor stabiliteit en veiligheid. En voor positieve interactie tussen de jongere en zijn omgeving.
Jongeren en ouders kunnen rekenen op:
een integrale aanpak en passende hulp, zo dichtbij en zo thuis mogelijk
geen onnodige doorplaatsingen: de zorg gaat naar de jongere in plaats van andersom
beschikbaarheid van deze schaarse hoogspecialistische zorg
Het gaat om twee diensten: integrale zorg met verblijf en de mobiele brigade.
De essentiële functies zijn aanvullend op lokale en regionale oplossingen. En bestaan naast het hoogspecialistische aanbod waarvoor landelijke afspraken gelden (LTA).
Volg de LinkedIn-pagina van Eetstoornissen Netwerk om op de hoogte te blijven.