Bejegening
Als zorgprofessional wil je graag meer weten over eetstoornissen, wat de do’s & don’ts zijn en hoe je samen kan werken om een cliënt zo goed en zo snel mogelijk te kunnen helpen. Op deze pagina vind je daarom informatie, aanbevelingen en praktische tips per zorgdomein.
Omdat iedere situatie anders is en er voortdurend nieuwe ontwikkelingen zijn, is het allereerste advies om niet in je eentje met de problematiek aan de slag te gaan. Betrek altijd andere professionals. Het Eetstoornissen Netwerk helpt je daarbij.
Lees meer over de netwerkenEen veilige omgeving
Als je denkt dat je te maken hebt met iemand met een eetstoornis, kan je eerste reactie zijn: ‘oh nee, toch niet iemand met een eetstoornis’. Want eetstoornissen zijn ingewikkeld, kosten veel tijd en de cliënten lijken niet echt beter te willen worden. Ook zitten ouders er vaak doorheen, waardoor ze een flink beroep op je kunnen doen. Hier vind je informatie die je helpt om een veilige omgeving voor de cliënt en diens omgeving, waaronder jijzelf, te creëren.
Tips en informatie
Mensen met een eetstoornis willen serieus genomen worden, gezien worden als mens en respectvol bejegend worden. Ga het contact aan en maak verbinding, ook als je geen eetstoornissen expert bent. Belangrijke aspecten van goede zorg zijn persoonlijke, open en eerlijke benadering en ruimte voor evaluatie en feedback. Een goede, wederkerige relatie, waarin wederzijds begrip voor elkaars mogelijkheden, prioriteiten en doelen bestaat, vereist vertrouwen in en respect voor elkaar. Probeer niet te veel in te vullen of op te lossen, maar creëer ruimte en ga samen met de cliënt kijken wat je kan doen.
In dit onderdeel vind je tips en informatie over hoe je een veilige omgeving creëert voor alle partijen. Deze tips zijn generiek, er wordt geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende zorgdomeinen.
Zoek de verborgen zorgvraag
Vaak heeft iemand met een eetstoornis een verborgen hulpvraag. Dat is anders dan bij een ander consult waarbij mensen klachten hebben en van de klacht af willen. De verborgen hulpvraag heeft te maken met het belang wat iemand heeft om de eetstoornis vast te houden, de functie van de eetstoornis zoals bijvoorbeeld het bieden van controle, focus en emotieregulatie. Het is belangrijk dat je naar de ‘pijn’ durft te vragen.
Neem de tijd
Het is belangrijk om de tijd te nemen voor de cliënt en zijn of haar ouders. Vaak heb je echt wel minimaal een uur nodig voor het eerste consult. Neem de tijd voor een hetero-anamnese, vooral omdat de cliënt vaak geneigd is informatie gekleurd te brengen. Dit heeft de maken met de dubbele gedachtenstroom en de gevolgen die gekoppeld kunnen zijn aan bepaalde informatie (bijvoorbeeld klachten over lage bloedsuiker kunnen betekenen dat iemand iets moet eten, dat wil iemand met een eetstoornis juist vermijden).
Leg goed uit wat je gaat doen
Zet een duidelijk kader neer. Bijvoorbeeld bij de kinderarts: “Het komende uur zal ik met je ouders en jou in gesprek gaan. Ik zal op basis van het verhaal, lichamelijk onderzoek en aanvullend onderzoek (hartfilmpje, bloedonderzoek, eventueel urine onderzoek e.a) een inschatting maken van je lichamelijke situatie en kijken wat je lichaam nodig heeft.”
Wel of geen complimenten
Vraag of iemand complimenten mag/kan hebben, dit wordt vaak vanuit de ambivalentie passend bij de eetstoornis juist verkeerd geïnterpreteerd. Pas extra op met complimenten en opmerkingen over het uiterlijk. Dit kan een trigger zijn.
Manage de verwachtingen
Geef vast aan dat er onderwerpen aan bod komen waar schaamte en/of angst aan gekoppeld zit. En vertel dat je niet aan waarheidsvinding doet. Als iemand bepaalde informatie nog niet met je kan of wil delen is dat ok, dat geeft aan dat iemand er nog niet aan toe is. Benoem daarbij wel dat je, wanneer je dingen niet snapt, je dit bespreekt met de cliënt. Geef ook duidelijk aan dat hoe meer informatie iemand met je kan delen, hoe beter je ze kunt helpen.
Geef ruimte voor emoties
Een ouder heeft als primaire taak het kind te voeden. Wanneer in dit proces iets niet goed gaat geeft dit een gevoel van falen en veel angst om het kind kwijt te raken. Vaak zijn ouders en kind enorm vermoeid door de continue spanning rondom het eten. Daarnaast is er vaak een groot contrast met diegene met de eetstoornis: die ervaart vaak geen klachten of is bang voor de consequenties die gekoppeld zijn aan klachten (bijvoorbeeld dat hij of zij bij lage bloedsuiker klachten iets moeten eten van de arts).
Wees jezelf
Wees jezelf. Professionals hebben soms het gevoel bepaalde onderwerpen niet te kunnen of willen bespreken omdat ze te beladen zijn. Met oprechte interesse en sprekend vanuit jezelf kom je een heel eind. Humor, directheid, etc. zijn, mits oprecht gebruikt, ook echt oké.
Durf stil te zijn
Omdat de cliënt met de eetstoornis vaak ambivalentie ervaart van binnen en veel wil nadenken over een antwoord, zul je geduld moeten hebben voordat een antwoord komt.
Stel een vraag per keer
Mocht je twee vragen achter elkaar stellen, dan gaat de cliënt nadenken over welke vraag hij of zij antwoord gaat geven. Dat wil je niet. Je wilt dat de cliënt over het antwoord zelf gaat nadenken. Let op bij het stellen van open vragen: door de dubbele gedachtenstroom is de kans groot dat een wenselijk antwoord wordt gegeven om eventuele consequenties te voorkomen. Soms is het helpend om vragen te stellen met twee opties als antwoord.
Laat zien dat je luistert
Geef, zoals je vast al weet, de cliënt aan dat je geluisterd hebt. Bijvoorbeeld door woorden letterlijk te herhalen.
Uit onderzoek blijkt dat de meeste cliënten vinden dat in de aanpak van de huisarts bij eetstoornissen niet zozeer de nadruk zou moeten liggen op het eetgedrag en het gewicht. Alle respondenten in het onderzoek waren van mening dat een huisarts in eerste instantie goed moet luisteren naar het verhaal van de cliënt en aandacht moet hebben voor onderliggende emoties.
Let op lichaamstaal
Let bij de antwoorden die hij of zij geeft ook op de congruentie van de lichaamstaal. Stemt het lichaam in met wat het hoofd zegt. Indien dit niet het geval is, kun je heel handig benoemen dat je denkt dat het antwoord niet klopt. Dit geldt ook voor de non-verbale communicatie en interactie van iemand die mee is, bijvoorbeeld ouder of partner.
Veiligheid en dwang
Bij ernstig gevaar voor zichzelf, zoals levensbedreigende complicaties, kan verplichte zorg of behandeling nodig zijn. Als dwangvoeding wordt toegepast, is een respectvolle benadering essentieel. Het is belangrijk om de autonomie van de cliënt zoveel mogelijk te respecteren en goede emotionele en psychologische begeleiding te bieden.
Het uitvoeren van dwangvoeding wordt bij voorkeur gedaan door speciaal opgeleide professionals binnen een gespecialiseerd multidisciplinair team. Het begrijpen van de impact van dwangvoeding op zowel de cliënt als de hulpverlener is belangrijk, aangezien het de autonomie van de cliënt aantast en mogelijk negatieve gevolgen kan hebben voor de samenwerking.
Het is een complexe situatie waarbij traumatische ervaringen kunnen optreden, voor zowel cliënt als professional, maar soms kan dwangvoeding nodig zijn om levensgevaar te voorkomen.
Lees meer over het verminderen van dwangVoorkom dat er ruis ontstaat
Bij ruis op de lijn voeden we de eetstoornis. Wanneer het netwerk om de persoon met de eetstoornis dezelfde taal spreekt, dezelfde boodschap herhaalt werkt dit bevorderend voor het herstelproces.
Begrijp elkaar
In de podcast First EET cast voeren experts samen met inspirerende gasten en ervaringsdeskundigen een eerlijk gesprek over eetstoornissen. Luister deze podcasts, want als we elkaar beter begrijpen, kunnen we elkaar ook beter helpen.
Zet geweldloos verzet in
Uiteraard moet er wat gebeuren aan de situatie. Maar houd er rekening mee dat het te veel controleren van het eetgedrag averechts kan werken. Het boek ‘De behandeling van angst bij kinderen en jongeren’ van Eli R. Lebowitz kan je helpen om te leren hoe je op een rustige, constructieve manier kunt communiceren met je cliënt. Ook zijn hier diverse trainingen voor beschikbaar.
Steun en support
Zoek je organisaties en bronnen? Bekijk meer informatie bij consultatie & steun voor jezelf en naasten. Ouders kunnen leren hoe een eetstoornis werkt én hoe zij het best hun kind kunnen steunen uit het boek Ouders als bondgenoot en Samen de eetstoornis aanpakken.
Ervaringsdeskundigen
Ervaringsdeskundigen en ervaringsdeskundige zorgprofessionals kunnen een toegevoegde waarde hebben in het ondersteunen van cliënt en gezin in het proces van motiveren en kiezen om tot een gezamenlijk gedragen behandelplan te komen. Lees hier meer over hun rol en waar je ze kan vinden.
Perspectief naasten
In deze video's kun je zien hoe het voor een naaste is om te vermoeden dat iemand in hun omgeving een eetstoornis heeft.
Bejegening van iemand met anorexia nervosa in het ziekenhuis
Patiënten met anorexia nervosa hebben extreme angst voor eten, waardoor ze moeite hebben met afspraken over eten of bewegen. Dat maakt het vaak moeilijk en frustrerend om deze patiënten te verplegen.
Enkele tips:
Wees geduldig! Patiënten met anorexia nervosa houden van controle en regie over hun eet- en bewegingspatroon. In het ziekenhuis handel je vaak snel en neem je deze controle van ze weg. De patiënt kan hierdoor bang worden of in paniek raken.
Wees tijdens het eten een dwingende steunpilaar. Moedig de patiënt aan om te eten, op een directe en duidelijke manier. Maar zorg ook dat je empathie en begrip toont voor de angst en de moeite.
Let op het geven van complimenten bij hapjes die wel lukken. Bij sommige patiënten werken complimenten heel goed en kun je hier gul mee zijn. Bij andere werkt dit juist averechts, bijvoorbeeld door schaamte.
Word niet boos. De patiënt weigert geen eten uit onwil, maar uit angst. Bestraffend toespreken maakt die angst erger en zorgt voor een schuldgevoel.
Neem liegen, bedriegen of manipuleren niet persoonlijk op. Dit komt meestal voort uit angst.
Probeer creatief mee te denken met de patiënt, maar houd je aan de afspraken. Geef grenzen aan waarbinnen een patiënt kan kiezen. Hierdoor krijgt de patiënt het gevoel ergens regie over te hebben.
Volg de LinkedIn-pagina van Eetstoornissen Netwerk om op de hoogte te blijven.