Somatische behandeling

Somatische behandeling

Hieronder vind je meer informatie over de somatische behandeling van eetstoornissen.

Psychoeducatie

Start zo snel mogelijk na de diagnose met voorlichting en psychoeducatie voor de patiënt en diens naasten. Dit kan al voordat begonnen wordt met de behandeling. Deel stapsgewijs informatie over wat de ziekte inhoudt, welke behandeling wordt ingezet en wat de effecten op het dagelijks leven kunnen zijn. Trek hier voldoende tijd voor uit.

  • Op de website Thuisarts.nl vind je de patiënteninformatie over eetstoornissen, afgestemd op de zorgstandaard.

  • Naasten en patiënten vinden op First EET kit alle informatie voor Eerste Hulp bij eetstoornissen.

Poliklinische follow up Anorexia Nervosa

Er is geen standaard recente richtlijn voor de follow-up van volwassenen/adolescenten met anorexia nervosa. Afhankelijk van de ernst van het ondergewicht, de duur van de ziekte, de therapietrouw, snelheid van herstel, het al dan niet purgeren, de leeftijd waarop het ondergewicht en de eetstoornis begon, de groei en ontwikkeling van de patiënt zal er per individu gekeken moeten worden hoe intensief de follow-up zorg moet worden. Let bij de follow up met name op de lange termijn complicaties waaronder amenorroe, botdichtheid, dentitie en groei.

Acute fase (ip 1ste 2 wk van hervoeden) met hoog risico voor hervoedingssyndroom zonder opname-indicatie:

  • Streven 2 a 3 x/wk policontrole inclusief lab/ECG controle.

  • Daarna afbouwen op geleide kliniek.

  • In principe “ziekenhuis thuis” beleid, maximaal 2 weken.

  • Acute fase (ip 1ste 2 wk van hervoeden) met laag risico voor hervoedingsyndroom:

  • Ip 1 x/wk controle, lab/ECG op indicatie.

  • Daarna afbouwen op geleide kliniek. Herstelfase:

  • Bij ondergewicht: 1 x/3 mnd revisie groei en maturatie tot volledig herstel groei/maturatie, inclusief menstruatie.

  • Bij gezond gewicht, goede groei en maturatie en regelmatige menstruatie: 1 x/jr revisie tot leeftijd van 18 jr.

  • Bij gezond gewicht, uitblijven goede groei/maturatie of menstruatie: 1x /6 mnd revisie. Nb: Bij excessief purgeren/risicovol gedrag: afhankelijk van mate van purgeren vervolg elektrolyten e.a., wisselend van meerdere malen per week tot 1 x per maand tot niet. Nb: Bij acute voedsel- of vochtweigering: Indicatie voor beoordeling < 3 dg.

Indicatie Ziekenhuis Thuis

Doel van Ziekenhuis Thuis:

  • Uit de lichamelijke gevarenzone komen en blijven

  • Voorkomen van een ziekenhuisopname Uitvoering:

  • Het hele voedingsadvies opvolgen.

  • Indien mogelijk neemt partner/verzorger zorg voor het eten over (brood smeren, opscheppen, inschenken etc.)

  • In of om het bed blijven of op de bank in de kamer

  • Na iedere maaltijd 1 uur rusten in een warme omgeving, onder dekbed

Indicatie opname op kinderafdeling of lichamelijk afdeling

Doel van somatische opname:

  • Het bewaken van vitale functies

  • Het behandelen van complicaties van acute ondervoeding of purgeergedrag

  • Klinische hervoeding

Algemeen:

  • Streef naar een zo kort mogelijke opname waarbij de acute somatische complicaties worden afgewend. Dit kan over het algemeen binnen 14 dagen worden bereikt

  • Het bepalen van een bepaald gewicht valt niet onder de behandeldoelen, wel bijvoorbeeld het veilig doorlopen van de hervoedingsfase

  • Stem duidelijk af wie welke verantwoordelijkheden heeft tijdens de opname

  • Zorg dat het vervolgtraject geregeld/duidelijk wordt tijdens de opname

  • Betrek en informeer ouders en broers/zussen tijdens de opname. Lees hier meer over op de pagina 'iemand steunen'

  • Lees hier meer over refeeding

Indicaties voor monitorbewaking:

  • Hartritmestoornissen waaronder sinusbradycardie < 40/min

  • Geleidings- en repolarisatiestoornissen waaronder QTc-tijd verlenging en junctional escape ritme

  • Ernstige ondervoeding (<60 % van uitgangsgewicht)

  • Ernstige elektrolytstoornissen

Refeeding

Het risico voor het optreden van het refeedingsyndroom is het grootst in de eerste 2 weken na de start van het hervoeden met een piek in de eerste 72 uur. Een verlaagd pre-albumine is een voorspellende waarde voor de kans op het ontstaan van refeedingsyndroom.

Lees meer over refeeding

Sondevoeding

Probeer altijd naar zelf eten te streven, de stap na sondevoeding kan nutridrink zijn. De interventie is op maat. Therapietrouw kan worden bevorderd door een goede relatie te onderhouden met patiënt en de motivatie te stimuleren. Indicaties voor sondevoeding:

  • extreme cachexie (gewicht < 60 % van uitgangsgewicht) met bradyfrenie en/of spierzwakte

  • ernstige elektrolytstoornis (bijvoorbeeld hypokaliemie < 2,5 of < 3,5 met ECG-afwijkingen) of recidiverende hypoglykemie

  • totale weigering te drinken/eten

  • kortdurend op verzoek van patiënt bij onvermogen zelf te eten/drinken en wanneer dit leidt tot een (dreigende) complicatie Bijkomende adviezen met betrekking tot sondevoeding:

  • duidelijke afspraken maken met patiënt vooraf wanneer te starten en te stoppen met sondevoeding

  • zo kort mogelijk handhaven van de sonde

  • doel: intake garanderen ten einde de levensbedreigende situatie af te wenden

  • soms blijkt afbouwen van de sondevoeding ingewikkeld, het valt dan te overwegen om het zelf drinken te motiveren de calorische intake bij het krijgen van sondevoeding te verhogen t.o.v. wanneer iemand het zelf drinkt

Lees meer in de Zorgstandaard Eetstoornissen.

Dwangvoeding

Bij het streven naar voorkómen van dwang is het in de behandeling van belang zoveel mogelijk aan te sluiten bij de doelen van de patiënt en ouders en te werken aan perspectief. Ook als iemand ernstig ziek is blijft het belangrijk met elkaar steeds te zoeken naar manieren om in contact te blijven en te zoeken naar alternatieven en behoud van autonomie.

Vanaf de start van de behandeling is het van belang om in te zetten op het voorkómen van dwang. Het signaleren dat het niet goed met iemand gaat en wat iemand zelf kan doen, zijn omgeving kan doen en wat de behandelaren kunnen doen, is één van de belangrijkste preventieve interventies. Hier kan eventueel een signalerings- en/of crisisplan bij worden ingezet om dwang te voorkomen.

Meer informatie over dwangvoeding vind je in de Richtlijn Dwangvoeding.

Meer informatie over de wetgeving:

Bewegen en activiteitenpatroon

Vaak is er naast afwijkend eetgedrag ook sprake van afwijkend bewegingspatroon. Denk hierbij aan dwangmatig bewegen om energie kwijt te raken en motorische onrust. Dit verdient eveneens aandacht in het behandelplan. Weest alert op het oplopen van (mars)fracturen en blessures.

Zolang iemand in een katabole staat verkeerd verdient het de voorkeur de activiteiten te beperken om de energiebalans te herstellen.

  • Douchen: geadviseerd wordt voorzichtig te zijn met douchen, mede vanwege de vasodilatatie tijdens douchen/bad en het beeld van orthostase

  • Let op te koud/te warm douchen i.v.m. verhoogd energieverbruik

  • M.b.t. uitbreiden van bewegen wordt het volgende geadviseerd. Er moet sprake zijn van:

    • Voldoende compensatie voor de beoogde inspanning.

    • Een stijgende lijn in het gewicht (of stabilisatie t.t.v. bereiken gezonde gewichtsmarge).

    • Er mag geen contra-indicatie zijn waardoor uitbreiden niet verantwoord is (bijvoorbeeld hypoglykemie, ernstige bradycardie e.a.).

    • Overweeg Olanzapine bij op de voorgrond bestaande bewegingsdrang.

Bij bewegingsdrang: spreek mensen vriendelijk aan op het gedrag, probeer afleiding te bieden. Het gedrag is vaak dwangmatig en komt voort vanuit een niet te stoppen urge. Wees duidelijk in de afspraken, ga niet in discussie. Lees hier meer over een visie op het omgaan met bewegingsdrang.

Medicatie

Overbrugging

Vanwege de wachtlijsten kun je overbruggingszorg opstarten, bijvoorbeeld via de POH. Het belangrijk om in deze overbruggingsfase een goede band te behouden met de patiënt en zijn of haar systeem. In de overbruggingstijd is er een aantal opties:

  • De oudergroep Eerste Hulp bij Eetstoornissen

  • De inzet van een ervaringsdeskundige buddy

  • Op de website www.eetstoornissennetwerk.nl vind je alle inloophuizen, eerstelijnsbehandelaren, behandelcentra en instellingen die zich hebben gespecialiseerd in eetstoornissen

  • De First Eet Kit biedt toegankelijke informatie over eetstoornissen bij jongeren

  • De K-EETi advieslijn kan dagelijks gebeld worden voor adviezen en overleg over patiënten met een eetstoornis

  • Verwijs patiënten naar 99gram.nl en Proud2Bme: de grootste Nederlandse online hulpsite voor patiënten met eetproblematiek

  • Tijdens de overbruggingsfase kun je ook verwijzen naar GZ-psychologen, systeemtherapeuten en diëtisten (aangesloten bij het Voedings Interventie Eetstoornissen (VIE) netwerk) die kennis hebben over eetstoornissen

  • Adviseer of benader inloophuizen voor eetstoornissen. Deze organisaties worden door vrijwilligers en ervaringsdeskundigen gerund. Vaak organiseren ze informatieavonden voor patiënten en naasten

Keuzehulp

De Keuzehulp Eetstoornissen ondersteunt professionals met een concreet advies voor behandeling en begeleiding, gebaseerd op de inhoud van de Zorgstandaard Eetstoornissen.

Volg de LinkedIn-pagina van Eetstoornissen Netwerk om op de hoogte te blijven.

Bekijk de pagina